Nikko : Toshogu

Nikkō Tōshō-gū (日光東照宮) is een shintoschrijn in de stad Nikko, ongeveer 140 kilometer ten noorden van Tokyo. De Toshogu is opgedragen aan Tokugawa Ieyasu, de stichter van het Tokugawa-shōgunaat. Samen met de Futarasan-jinja en de boeddhistische Rinnō-ji staat de Toshogu-schrijn op de werelderfgoedlijst van UNESCO.

Kenmerken

Toshogu is het mausoleum voor de in 1616 overleden shōgun Tokugawa Ieyasu. In het complex werd 500 kilogram goud en 370 kilogram zilver verwerkt. Er is nagenoeg geen balk of muur onbedekt. Het is een van de fraaiste voorbeelden van religieuze bouwkunst en combineert zowel Japanse schrijn- als tempelarchitectuur. Vooral de overvloed aan houtsnijwerk is overweldigend. Het complex ligt in het bos tegen een helling gevleid. Met trappen en paden kom je al maar hoger in het complex, steeds dichter bij de goden, of kami in shinto. En uiteraard, steeds dichter bij het praalgraf van Ieyasu, dat op het hoogste punt van het complex haar plaats heeft.

Historie

Na het overlijden in 1616 in Shizuoka van Tokugawa Ieyasu, de stichter van het Tokugawa-shōgunaat, werd volgens zijn testament besloten om in Nikkō een schrijn te zijner nagedachtenis te bouwen. Zijn zoon, Tokugawa Hidetada, liet het lichaam van zijn vader overkomen en begon één jaar na de dood van Ieyasu met de bouw. Kleinzoon Tokugawa Iemitsu voltooide de schrijn uiteindelijk na ongeveer 20 jaar. Voor het mausoleum werd de al bestaande Tosho-schrijn benut en verder uitgebouwd. Het achtervoegsel gū geeft aan dat de schrijn gerelateerd is aan het shogunaat. Voor Ieyasu was niets te gek, zo vonden zoon en kleinzoon. Er is in Japan – en in de buurlanden – geen ander monument te vinden dat zo rijk versierd is als de Tōshō-gu. Waar overal elders in Japan shinto van “nature” een sobere en functionele vormgeving heeft, werd hier kwistig met goud en zilver rondgestrooid en werden architectonische wonderen verricht in de constructie van maar liefst 55 gebouwen. Ook werd overdadig houtsnijwerk toegevoegd. Zoals het graf van Farao Tut Anch Amon oplicht in de woestijn, zo word je hier in de uitgestrekte bossen van Nikko verrast door dit over-the-top monument. Over the top? Zoon en kleinzoon vonden van niet, Ieyasu was immers degene die Japan van oorlogszuchtige kleine staatjes tot een landelijke eenheid wist te smeden en was grondlegger van het Edo-shōgunaat dat 260 jaar zou gaan duren. Dat mocht dus wat kosten. Meester timmerman Kora Bungo Munehiro werd verantwoordelijk gemaakt voor het project en hij zou er omgerekend 32,3 miljoen euro aan gaan uitgeven. “Eerst Rome zien en dan sterven?” Welneen. Eerst sterven en dan de Toshogu zien! De schrijn is een ultiem eerbetoon. En natuurlijk ook een prima en listig middel om de macht van de Tokugawa-shōguns te profileren en consolideren.

In de Sanjinko (de drie warenhuizen) worden kostuums, wapenrustingen en harnassen voor maar liefst 1000 samurai bewaard. Deze worden twee maal per jaar gebruikt, in het voorjaar en in de herfst, tijdens een ceremoniële optocht. Hier mag het terracottaleger tenminste luchten. Op steeds de dag voor de processie vinden yabusame-toernooien plaats, waarbij ruiters te paard met de lange Japanse boog in volle galop op doelen schieten. En raken.

Naast een opslagmagazijn voor wapenrusting en kostuums mocht dus ook een heilige paardenstal natuurlijk niet ontbreken. Deze Shinkyū bevindt zich bij de hoofdpoort Omotemon, zodat de paarden niet helemaal de helling op hoefden. De stal is wereldberoemd geworden door het houtsnijwerk van acht panelen over de breedte van de voorgevel. Ieder paneel vertegenwoordigt een morele boodschap. Vertrouwen, vriendschap, liefde, onafhankelijkheid, ambitie, zwangerschap en het dagelijkse leven worden in hout verbeeld. Het bekendste paneel is dat van de sansaru, de drie apen, Mizaru, Kikazaru en Inazaru. Horen, zien en zwijgen: “geen kwaad zien, geen kwaad horen, geen kwaad spreken”.

Tempelcomplex

  1. Trap van duizend
  2. Ishidorii – torii van graniet
  3. Gojūnodō – Pagode met vijf verdiepingen
  4. Omotemon – Niomon poort met de twee tempelwachters (Nio)
  5. Shinkyū – heilige stallen (met de beroemde gebeeldhouwde apen: horen zien en zwijgen)
  6. Omizuya – watergebouw
  7. Kyozo – bibliotheek
  8. Shimojinko – onderste  warenhuis of opslagloods voor met name kostuums
  9. Nakajinko – middelste warenhuis
  10. Kamijinko – bovenste warenhuis
  11. Shōrō – klokkentoren
  12. Korō – drumtoren
  13. Yakushi-dō
  14. Yomeimon-poort – hét meesterwerk tussen alle gebouwen van de schrijn
  15. Shinyosha – Mikoshi-gura, de schuur van de draagbare schrijn
  16. Kaguraden – podium voor hofdansen
  17. Honsha – honden en haiden – grote hal
  18. Nemurineko – de slapende kat
  19. Okusha – mausoleum van Tokugawa Ieyasu

Nikkō betekent zonneschijn. De foto’s hierboven zijn echter gemaakt op een augustusdag zonder zon. Het regende zachtjes, de lucht was dik en dampig, het geluid van de cicaden, de semi, oorverdovend en passend. Deze dag versmolt de schitterende schrijn met het imposante bos. De Toshogu is ook prachtig in de wintersneeuw.

In detail: Nemuri Neko

Nemuri Neko (眠り猫) is de naam van het beroemde paneel van de slapende kat in de oostmuur van de Honsja. Hier werd voor het eerst een kat opgenomen in de schrijnarchitectuur. De kat ligt te slapen in de zon, tussen de pioenrozen. Zonneschijn is in het Japans Nikko. Een grap voor intimi dus. Algemeen wordt aangenomen dat de kunstenaar met de afbeelding van de kat wilde zeggen: “Hier komt niemand voorbij, niets onzuivers of bezoedeld, zelfs geen muis.” Japan is – net als facebook – sedertdien helemaal vertederd van katten. Plaatjes, filmpjes en zwaaiende beeldjes. Zijn broer Maneki neko heeft het dan ook ver geschopt.

In detail: de Oranda dōrō

Op het schrijnterrein vinden we ook een reusachtige lantaarn: de Oranda dōrō. De Nederlandse retourschepen van de Verenigde Oostindische Compagnie waren uitgerust met dergelijke achterlichten op de spiegel. Deze werd in 1643 door de Nederlandse ambassadeur in Deshima geschonken namens VOC en Nederlandse regering. Prima gebaar van Nederland. Maar wel een tikje jammer dat de mon (de wapenschilden) van de Tokugawa-clan ondersteboven zijn gemonteerd. Het eigenlijk bovenste blad van de gestileerde stokroos hangt hier beneden. Klungelen is blijkbaar van alledag.

Adres en bereikbaarheid

Tochigi Prefecture, Nikko, Sannai, 2301
Klik op de Googlemap hiernaast voor een virtuele rondwandeling.

De Tobu-lijn verbindt het Tokyo Asakusa-station direct met het Tobu-station van Nikko, en is zeker de makkelijkste manier om er te komen. Deze sneltreinen doen er ongeveer 2 uur over en kosten circa 1.360 yen. Gebruik maken van de Tohoku-shinkansen kan ook, maar is duurder en duurt gek genoeg veel langer. De Shinkansen stopt niet in Nikkō. Als de kleinzoon van Ieyasu dát geweten had, zou hij ook dat zeker hebben geregeld. In plaats daarvan moet in Utsunomiya overgestapt worden op een onregelmatig rijdend boemeltje.

Meer informatie

Er zijn tal van informatieve filmpjes over de Toshogu-schrijn beschikbaar op het internet. De meeste zijn geschoten door toeristen, die zich uitputten om ons kijkers van ter plaatse bedacht commentaar te voorzien. De video hiernaast is van NHK, de nationale TV-omroep van Japan. Het filmpje dateert uit 2010 en is wellicht een tikje oubollig of kneuterig, maar laat wel zien hoe Japan zelf ook trots is op haar cultureel erfgoed. Wie nog twijfelde, wordt over de streep getrokken: u móet binnenkort naar Japan.

Dit artikel maakt deel uit van de reeks Ken uw Tempel van Katern: Japan
Print Friendly, PDF & Email

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *