Maneki-neko: de gelukskat

Iedereen die wel eens bij de Chinees komt kent hem wel: de kat met de heen-en-weer bewegende poot. Hoewel dit figuurtje vaak te vinden is in Chinese restaurants komt de zogenaamde maneki-neko (letterlijk de ‘wenkende kat’) wel degelijk uit Japan. Het idee achter deze figuurtjes is dat ze geluk en rijkdom schenken. Vandaar dat ze ook vaak worden aangeduid met de term ‘gelukskat’.

De betekenis van maneki-neko hangt af van welk(e) pootje(s) omhoog staan. Hoewel de betekenis van de geheven pootjes per regio kan verschillen gaat men er in Japan van uit dat het linkerpootje klanten een winkel in lokt, terwijl het rechterpootje rijkdom en geluk verspreidt. Voor dat laatste doen Japanners overigens ook een beroep op Daruma. Ook de lengte van het pootje maakt een verschil. Des te langer het pootje des te meer geluk en rijkdom er kan worden verspreidt. Het is dan ook geen wonder dat de pootjes van maneki-neko gedurende de jaren steeds langer zijn geworden.

Er bestaan talloze sterke verhalen over de oorsprong van de gelukskat, maar over het algemeen is men het er over eens dat hij is ontstaan tijdens de Edo periode (1603-1868). Omdat het gebaar dat de kat maakt doet denken aan een kat die zijn gezicht poetst is de connectie met het oudere Japanse bijgeloof dat een zich wassende kat een teken is van een naderende bezoeker snel gemaakt.

Ook de decoratie van de kat is nog terug te leiden tot deze periode. Het belletje rond de nek en het rode halsbandje waren in die tijd populaire accessoires voor de huisdieren van rijke families. Ook het slabbetje dat de kat soms draagt is volgens sommigen te herleiden op de boddhisattva (bijna-Boeddha die anderen naar de verlichting begeleidt) Jizō, de beschermheer van reizigers en kinderen. De ovale gouden munt die de kat meestal met zich meedraagt (een zogeheten koban) was tenslotte een waardevolle munteenheid tijdens de Edo periode. De munt staat niet slechts symbool voor de rijkdom die de kat zou verspreiden, maar heeft ook betrekking op het Japanse spreekwoord ‘neko ni koban‘ dat vrij te vertalen is als ‘parels voor de zwijnen’.

Al met al is de maneki-neko zeker niet slechts decoratief. Hij valt wellicht te vergelijken met het hoefijzer dat in Europa op veel plaatsen boven de deur gehangen werd in de veronderstelling dat dit geluk zou brengen. Echter, terwijl dergelijke gebruiken in West-Europa steeds minder voorkomen, groeit de populariteit van de gelukskat nog steeds. Vooral in China weet de kat veel nieuwe ‘volgelingen’ te lokken. De producenten van gelukskatjes zullen daarom voorlopig ook geen reden hebben om te twijfelen aan de werking van hun product.

Print Friendly, PDF & Email

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *