Komusō: gelijke monniken, andere kappen

Toen ik mij in het begin van het schooljaar voorstelde aan mijn nieuwe leerlingen van groep 5 en daarbij aangaf ook Japans te hebben gestudeerd, waren ze niet alleen zeer geïnteresseerd maar hadden ze daar spontaan ook concrete beelden bij. De meest intrigerende vraag was zonder twijfel: “Meester, heb jij ook een Japanse hoed?” Zulk een vraag verdient een serieus antwoord.

10-jarigen in Nederland weten dus al wat van Japan, maar een hoed als eerste referentie kwam voor mij als een verrassing. Vermoedelijk bedoelde de vraagsteller de puntige rijstplantershoed, maar die wordt in geheel Zuid- en Oost-Azië gedragen en om die reden ook vaak in reclame-uitingen voor Aziatische gerechten afgebeeld. Bovendien wordt deze, als stereotiep Aziatisch hoofddeksel, in Nederland ook met carnaval getooid. Geen wonder dus dat de leerling het verband legde. Zeker, deze (i)conische hoed komt ook in Japan voor, maar er zijn ook exemplaren die je nergens anders vindt. De tengai, gedragen door komusō-monniken, is verreweg de meest bijzondere.

De tengai, de komusō-korf

Komusō, letterlijk ‘monniken van niets’, waren bedelmonniken van de Fuke-sekte, een stroming binnen het Zen-boeddhisme tijdens de Edo-periode. Ze waren onmiddellijk herkenbaar aan de shakuhachi-bamboefluit waarop voortdurend werd geblazen, en aan de tengai. Deze merkwaardige rieten mand bedekte, als een soort bijenkorf, het hoofd volledig. Aan de voorkant zitten weliswaar kijkgaten, maar het zicht van buiten naar binnen en andersom werd niettemin zeer beperkt.

Als bedelmonniken waren Komusō ambulant, ze zwierven door het land. Zoals de meeste monnikengemeenschappen in dit deel van de wereld leefden ze op straat en waren ze afhankelijk van ​​aalmoezen. Nog steeds tref je in Japan bij de grote tempels monniken en nonnen aan die als levende standbeelden hun kost verdienen. In plaats van de traditionele spirituele beoefening van het zingen van soetra’s, gebruikten de Komusō echter hun shakuhachi ter spirituele oefening.

Het stro in de hoed werd in de 15e eeuw nog om het lichaam gedragen, om ’s nachts buiten op te kunnen slapen. De Komusō heetten toen nog Komosō, ‘monniken met stromat’. Tegelijkertijd met de naamsverandering deed de van hetzelfde stro gevlochten tengai zijn intrede. Deze symboliseerde het opgeven van het eigen ego.

Geschikt voor spionnen

KomusōHet zou in Nederland niet lukken om zo over straat te gaan. Gezichtbedekkende kleding wordt niet gewaardeerd en in een groeiend aantal westerse landen zelfs verboden. Communicatie bestaat immers ook uit non-verbale elementen, gezichtsuitdrukkingen zijn even belangrijk als uitspraken. Zo zet je bij voorkeur een zonnebril af tijdens een ontmoeting met een ander en gaat de donkere klep van de hédendaagse integraalhelm omhoog tijdens een gesprek met oom agent.

Om die reden kreeg ook Japan uiteindelijk genoeg van de komusō-korf. Kleding en tengai werden namelijk populair onder rōnin, samurai zonder meester, en huurlingen die als spionnen op deze wijze uitstekend hun werk vanaf de straathoek konden doen. Ten behoeve van het shogunaat, de machthebbers tijdens de Edo-periode, maar ook voor tegenstanders van deze gevestigde orde. Oplettend werk dat overigens niet zonder risico was; monnik en spion werden van elkaar onderscheiden via een muzikale test.

Van de ‘korf’ werd verwacht dat deze het volledige standaardrepertoire voor shakuhachi zou kunnen spelen. Deze 36 tamelijk ingewikkelde stukken vormen samen de Kinko Ryū Honkyoku, een soort van songbook voor bamboefluit. Indien de korfman dit niet kon oplepelen, werd hij als spion beschouwd. De kans dat hij om het leven werd gebracht was dan erg groot. Tijdens de Meiji-restauratie, in 1872, werd daarom uiteindelijk de gehele Komusō-gemeenschap ontmanteld en was het zelfs tijdelijk verboden de shakuhachi te spelen, wat leidde tot een fors verlies aan kennis en informatie over het instrument.

De fluit is gelukkig weer terug, maar de bijenkorfhoed wordt niet meer op grote schaal gebruikt – hooguit bij shakuhachi-uitvoeringen – en heeft daarom ook niet de iconische status van de punthoed kunnen verwerven.

Print Friendly, PDF & Email

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *