Keizerlijk protest tegen Shinzo Abe

Augustus is ieder jaar weer een gevoelige maand in Oost-Azië. In augustus 1945 werden immers de twee atoombommen op Hiroshima en Nagasaki geworpen, en Japan daarmee gedwongen tot overgave. Dat markeerde het einde van de Tweede Wereldoorlog; een oorlog waarin het Japanse leger verschrikkelijk huishield in de Japan omringende landen en ver daarbuiten. Het zorgt tot op de dag van vandaag voor boosheid in met name de beide Korea’s en China, zeker wanneer Japanse regeringsleden en -leiders de Japanse wandaden bagatelliseren of, erger nog, niet eens willen erkennen. Nieuwe plannen van premier Shinzo Abe’s regering veroorzaken echter een tot nu toe ongekende eruptie van woede – ook in Japan, waar jongeren protesterend de straat op gaan en zelfs keizer Akihito zijn zorgen laat doorschemeren.

Wat is het geval: sinds het einde de Tweede Wereldoorlog is in de Japanse grondwet vastgelegd dat het Japanse leger enkel uit zelfverdediging en enkel op het eigen grondgebied mag optreden. Premier Abe’s regering is echter van plan de grondwet op dit punt te wijzigen, en inzet van het leger om redenen anders dan zelfverdediging mogelijk te maken. Ze lijken daar ook in te gaan slagen, want het Japanse Lagerhuis keurde de wet al goed. Alhoewel er natuurlijk geen directe oorlogsdreiging is, wordt het pacifistisch ingestelde deel van de Japanse bevolking er behoorlijk zenuwachtig van. Volgens Abe is het echter de hoogste tijd voor een grondwetswijziging, aangezien volgens hem de “kinderen en kleinkinderen zich niet moeten blijven verontschuldigen” voor een oorlog die zij niet hebben veroorzaakt of gevoerd. De keizer ziet dat anders.

Als ceremonieel staatshoofd wordt Akihito echter geacht zich over politieke zaken niet uit te laten. Zijn rol is zeer beperkt: met overheidszaken mag hij zich niet bemoeien. Dat heeft Akihito nooit gemogen, aangezien zijn vader Hirohito direct na de Tweede Wereldoorlog werd gedwongen zijn goddelijke status – en daarmee invloed op staatszaken – op te geven. Sinds 1945 bekleedt de keizerlijke familie dus een puur ceremoniële functie: enkele keren per jaar vertonen ze zich in de openbaarheid – bijvoorbeeld om het volk toe te wuiven met Nieuwjaar, of om de jaarlijkse nieuwe rijst in de paleistuin te planten – maar meer dan dat zien de Japanners gewoonlijk niet van hun monarch.

Van de speech die Akihito ter gelegenheid van de 70e herdenking van het einde van de oorlog zou houden, werd daarom niet veel schokkends verwacht. Maar voor de goede verstaander waren er in de uiteindelijke tekst wel twee zinnen aan te wijzen die duiden op meer dan Akihito’s gebruikelijke woorden van diep berouw:

“[…] ons land verkeert in vrede en voorspoed, dankzij de onophoudelijke inzet van het Japanse volk om uit de puinhopen van de oorlog te geraken en zich te ontwikkelen, daarbij altijd gesteund door hun oprechte wens voor voortdurende vrede.”

[…] ik hoop, met diepe gevoelens van spijt over de oorlog in het achterhoofd, dat de vernielingen van de oorlog nooit meer zullen plaats vinden.

Daarbij kwam nog de vrijgave van zowel foto’s van de bunker waarin Hirohito in 1945 de overgave van Japan aankondigde, als een nieuwe digitale opname van diezelfde toespraak. Dat kan te maken hebben met het jaartal – 70 jaar geleden is toch wat bijzonderder dan 69 of 71 jaar geleden – maar volgens volgers van het Keizerlijk huis is het geen toeval: ook dit wordt gezien als een signaal van Akihito aan zijn premier.

Het is vooralsnog afwachten of de grondswetverandering ook door het Hogerhuis komt, maar het idee van een actief Japans leger voelt voor veel Japanners verkeerd. Zij weten hun keizer achter zich.

Print Friendly, PDF & Email

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *