Op deze nationale feestdag wordt de stichting van de natie herdacht met de bedoeling de vaderlandsliefde aan te wakkeren. Voor de Tweede Wereldoorlog was deze dag de herdenking van de legendarische eerste Japanse keizer Jimmu in 660 v.Chr. Na de oorlog verviel deze feestdag totdat in 1966 deze nationale feestdag weer op de kalender werd gezet.
Deze dag dient twee doelen: een waarschuwing om ultranationalisme te voorkomen en een verlangen om culturele tradities nieuw leven in te blazen. Daarom uitten mensen over het algemeen geen openlijk nationalisme of patriottisme in het openbaar. Als nationale feestdag zijn overheidsgebouwen, scholen, banken en veel bedrijven gesloten. Op de dag van de viering worden festivals zoals de “kenkoku-sai” (建国祭) gehouden in shintoïstische heiligdommen en boeddhistische tempels. Er is geen door de overheid gesponsorde ceremonie.
